zaterdag 8 november 2014

45. Haagse vogels

De digitale versie van het achtiende- en negentiende-eeuwse platenboek Nederlandsche vogels van Sepp en Nozeman trok vanaf 2011 meer publiek dan we destijds dachten. Met de tentoonstelling en de facsimile-uitgave gaat het niet anders. De (overdrachtelijke) aaibaarheidsfactor van de vogel is kennelijk groot; ze zijn gewoon hot.

Dat kun je ook aflezen aan kleinere activiteiten die links en rechts opduiken. Zo kreeg ik afgelopen week van 'visual artist' Ton Martens (ik citeer zijn visitekaartje, maar zie ook zijn website) de uitgave Haagse vogels.

Haagse vogels (Grafische Werkplaats Den Haag, 2014)
Haagse vogels begint natuurlijk met de meest Haagse vogel van allen, de ooievaar uit het stadswapen, maar wordt gevolgd door een bont gezelschap: de penguin, zwaan, kip, duif, haan en andere vogels die ik niet kan determineren.

De omslag-ooievaar heeft een opschrift in zijn bek: 'in riso'. Het boekje is gedrukt op de zogeheten risograph, een digitale stencilmachine, een soort kopieerapparaat dat met drukinkt werkt (anders dan een laserprinter) en waarmee in diverse kleurgangen kan worden gedrukt. Het is een techniek die voor middelgrote partijen drukwerk efficiënt is.

Zo'n apparaat staat in de Grafische Werkplaats aan de Prinsengracht in Den Haag. Ton Martens begeleidt daar kunstenaars en liefhebbers van de Monday Printing Club, waarbij steeds gezamenlijk een boekje wordt gemaakt met de risograph. Op een YouTube fimpje legt Martens uit hoe het proces werkt.



Voor de boekjes gebruiken ze steeds twee kleuren, rood en blauw en gevouwen telt zo'n boekje standaard zestien pagina's (uitgaand van één vel A4-papier). 


Haagse vogels (Grafische Werkplaats Den Haag, 2014):
ongevouwen vel met de pagina's 2-9
Deze keer is een leporello ontstaan, waarbij de colofonpagina's in het midden niet zijn opengesneden en dus een beetje verborgen blijven. De elf deelnemers hebben er hun voornamen in vermeld. 


Haagse vogels (Grafische Werkplaats Den Haag, 2014)
[Ook gepubliceerd op het blog van de Koninklijke Bibliotheek.]

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen