dinsdag 24 april 2018

203. Henk Spaan op een ansichtkaart

In 1973 verscheen bij de Leidse uitgeverij Tango de dichtbundel 'n Lach en 'n traan van Henk Spaan. Het bevatte gedichten over het dichten, over drinken, eenzaamheid en voetbal - onder andere een gedicht over Coen Moulijn en Wim van Hanegem en een over Johan Cruijff en Piet Keizer. Het boekje (zestien pagina's geniet in een omslag) heeft een door Fred Ros ontworpen omslag met een bierglas op een bierviltje, met sigaretten en lucifers ernaast.


Henk Spaan, 'n Lach en 'n traan (1973)
De naam van het biermerk is vervangen door die van de auteur Henk Spaan, zowel op het glas als op het viltje. Niet zo gek, want het Amsterdamsch Litterair Café De Engelbewaarder had al vijf gedichten van hem op luciferdoosjes verstrekt.

De bundel werd door De Volkskrant gerekend tot de top drie van de 'Dunste Dichtbundeltjes met de Kleinste Gedichtjes' (19 november 1973). 


Henk Spaan, 'n Lach en 'n traan (1973)
Een van de titelloze gedichten begon met de regel:

Treurig liep hij
door het woud

en werd daarom het 'houtvers' genoemd. Het werd door de krant aangeprezen als 'klein maar fijn'.

Dit gedichtje werd enkele jaren later nog eens apart op een ansichtkaart gedrukt. Dat gebeurde in het Drukhuis in Amsterdam, aan de Herengracht 229, waar het in 1973 was opgericht. In het drukhuis werden drukcursussen gegeven en drie drukkers drukten er ook voor anderen boekjes op een handpers. Een van die drukkers was René Treumann die eerder al een eigen drukkerij was begonnen en daarna ook voortzette onder de naam Typique. In 1977 en 1978 drukte hij een reeks briefkaarten, elk in een oplage van 200 exemplaren. Een van die kaarten bevatte het gedicht van Henk Spaan.




Voor- en achterzijde van Henk Spaan, 'Treurig liep hij',
gedrukt door René Treumann
Het exemplaar in de KB is in pen gesigneerd door de auteur. Ansichtkaarten worden in de regel niet opgenomen in de KB, maar kaarten met literaire teksten vormen een uitzondering. 

vrijdag 20 april 2018

202. Herinnering aan Rotterdam

Veel gedrukte efemere publicaties bewaren we nu niet in de KB: reclamefolders, briefpapier, wijnetiketten, wasvoorschriften in kledingstukken, handleidingen, schoolagenda's, en nog een heleboel andere zaken. Maar op alle categorieën zijn natuurlijk uitzonderingen te maken en die nemen we ook serieus.


Souvenir de Rotterdam: doosje (boven) en boekje (onder)
Onlangs namen we een klein souvenir uit het negentiende-eeuwse Rotterdam op: Souvenir de Rotterdam.
Advertentie, Arnhemsche Courant, 7 februari 1871
De titel 'Souvenir de Rotterdam' is in de negentiende eeuw gebruikt voor korte muziekstukjes, maar ook voor 'boterjanhagel verpakt in fantaizie-doozen' en er kwam ook een 'pittige' sigaar met die naam. Er kwamen nu eenmaal steeds passagiers aan in Rotterdam en er vertrokken er ook duizenden, die herinnerd wilden worden aan hun (ook korte) verblijf in de stad. Boekjes met platen van de monumenten en belangrijkste gebouwen werden uitgevoerd als litho's en later als foto's. Uitgever Bolle uit Rotterdam adverteerde in 1871 met 'Twaalf gezigten der Stad' met de titel Souvenir de Rotterdam. Ook  andere uitgevers, zelfs in Amsterdam, produceerden zulke boekjes.

Het doosje van ons Souvenir de Rotterdam vermeldt helaas geen uitgever. Het meet nog geen vijf bij vijf centimeter, het boekje daarin is rond, met een diameter van 45 mm. De 16 stadsgezichten hebben een diameter van 41 mm en zijn in rood omcirkeld.





Souvenir de Rotterdam
Het cirkelvormige boekje ziet er uit als een rijksdaalder, met op de ene zijde de titel en op de andere een portret van Koning Willem 3, die regeerde tussen 1849 en 1890. Aangezien het boekje niet gedateerd is, kunnen we daarmee vaststellen dat het een uitgave is uit de tweede helft van de negentiende eeuw. Het antiquariaat waarbij het boekje werd gekocht zocht al uit dat de advertenties aan de binnenzijde ons verder helpen: de ene is voor de 'Engelsche bazar' en de andere is voor de sigarenfirma A. Hillen, met vestigingen in Delft, Rotterdam en Zutphen. Die laatste werd geopend in 1867. Dus het boekje is van in of na 1867. De afbeeldingen tonen onder andere het station Hollands Spoor uit Rotterdam, dat in 1877 werd gesloopt. Tussen 1867 en 1877 dus.



Souvenir de Rotterdam
Iets anders is de techniek. Op het eerste gezicht lijken de afbeeldingen op kleine foto's, maar dat zijn het niet. Met een vergrootglas is te zien dat het om een lithotechniek gaat die fijne lijntjes mogelijk maakt. Die techniek is de steengravure. Steen, vanwege de lithostenen waarop getekend werd. Gravure, vanwege het met een naald krassen in een opgebrachte laag  met een arabische gomoplossing. De inkt bleef daarin zitten als de rest van de laag werd afgespoeld en zo werd een fraaie afdruk mogelijk.


Souvenir de Rotterdam
De afbeelding van het 'Palais du Yachtclub' bijvoorbeeld lijkt eerst op een foto, maar bij vergroting zien we dat het om een steengravure moet gaan.



Souvenir de Rotterdam
In te zien in de leeszaal bij Bijzondere Collecties [aanvraagnummer: KW GW A114339.]

woensdag 18 april 2018

201. Remco Campert vertaalt De honger en de dorst

Niet alles van Remco Campert is gepubliceerd. Zijn toneelvertalingen, bijvoorbeeld. In 1967 ging in Amsterdam van Eugene Ionesco De honger en de dorst in première. De uitvoering lag in handen van  de Nederlandse Comedie, die vijf jaar later zou stoppen dankzij Aktie Tomaat.

Ionesco's stuk werd in Frankrijk voor het eerst uitgevoerd, als Le soif et la faim, in 1966. Twee jaar eerder was het in het Duits opgevoerd in Düsseldorf. Het gaat over religie en conformisme en bevat een scene waarin twee hongerende gevangenen in ruil voor een korst brood eerst het gebed Onze Vader moeten opzeggen. Tijdens de eerste voorstellingen in Parijs werd het publiek opstandig, totdat een van de acteurs naar de rand van het toneel liep en de zaal in brieste: 'Merde'. Toen was het stil. De pers herinnerde zich van het toneelstuk alleen dit incident.



Scenario Eugene Ionesco, De honger en de dorst (1967)
Op 16 december 1967 was Amsterdam aan de beurt. De regie werd gevoerd door Henk Rigters, kostuums en decor waren ontworpen door Nicolaas Wijnberg en acteurs waren: Han Bentz van den Berg, Elisabeth Andersen, Elisabeth Hovink, Jan Hundling, Wim de Haas, André van den Heuvel, Cor van Rijn, Jules Croiset, Herman van Elteren, Rob Goedhart, Rein Edzard, Paul Beers, Wim de Haas en Maroesja Lacunes.

De recensies noemden Ionesco 'een van de moeilijkst te begrijpen schrijvers van deze tijd' (Algemeen handelsblad, 18 december 1967). Het zou zijn overtuiging zijn dat 'alleen een zo gedachteloos mogelijk opportunisme ons in staat kan stellen het verwarde spelletje dat "leven" heet vol te houden'. Het stuk werd als 'hinderlijk uitvoerig' gekenschetst. 

Ook leuk voor de vertaler.

Hoe literair de tekst ook gevonden werd, van de Nederlandse vertaling verscheen nooit een editie.

We beschikken gelukkig nog wel over het scenario, het script dat aan acteurs en andere medewerkers van het gezelschap werd uitgedeeld. Een van die exemplaren belandde in het archief van het gezelschap, dat later over ging naar het in 1972 opgerichte Publiekstheater. Het stempel van dat gezelschap siert enkele pagina's.


Scenario Eugene Ionesco, De honger en de dorst (1967)
Bijgevoegd zijn zes losse bladen, gescheurd uit een tweede exemplaar van het scenario. Dit bevat aantekeningen over de belichting, de positie van kasten, bed en divan en andere toneelprops ('kistje open met linnengoed erin'), met verschillende pennen geschreven: 'deurtje L. achter open en dicht' staat er in blauw, maar in groen is het laatste doorgestreept: 'Deur blijft open' staat er voor de duidelijkheid bij. 

Over de lichtprojecties staat er bijvoorbeeld: 'als Bentz eten op schept'. De laatste regieaanwijzing heeft de marginale noot: 'KLOKKEN!' Die moesten luiden.

Aantekeningen van de toneelmeester waarschijnlijk.


Scenario Eugene Ionesco, De honger en de dorst (1967)
Binnenkort - de aanwinst is nog niet beschreven - kan het scenario met de vertaling door Remco Campert worden bestudeerd in de KB.

vrijdag 6 april 2018

200 Gepubliceerd in Quaerendo: recensie

Twee jaar geleden verscheen The Daniel Press & The Garland of Rachel, geschreven door William S. Peterson en Sylvia Holton Peterson. Eerder publiceerden zij een census onder de titel The Kelmscott Chaucer. Ook dit nieuwe boekje probeert alle exemplaren van een editie te beschrijven, namelijk van The Garland of Rachel uitgegeven door de Engelse, negentiende-eeuwse private press van dominee Daniel.

The Daniel Press & The Garland of Rachel (1996)
De recensie is net verschenen in de online versie van Quaerendo, volume 48, issue 1 (2018) en te vinden op de site van uitgeverij Brill.

Het boek zelf is in te zien in de leeszaal bij Bijzondere Collecties in de KB.

Leeszaal LHO in de KB

donderdag 29 maart 2018

199. Laurence Aëgerter

Naar aanleiding van de tentoonstelling 'De kunst van lezen' (begin maart beëindigd in Museum Meermanno) kocht ik voor de KB de laatste tijd enkele bijna complete reeksen boeken van kunstenaars, deels van kunstenaars die in de tentoonstelling waren vertegenwoordigd, zoals Marinus van Dijke, maar ook van kunstenaars die door de deelnemers aan mij werden voorgesteld.

Van sommige van die kunstenaars bezat de KB wel enkele werken, maar bij lange na niet alle, omdat het kunstenaarscircuit nu eenmaal ver af staat van het uitgeverscircuit. Aangezien er geen centrale plaats in Nederland is waar in oplage vervaardigde Nederlandse kunstenaarsboeken systematisch verzameld worden, heeft de KB|Nationale bibliotheek een paar jaar geleden die taak op zich genomen.

Van de oorspronkelijk Franse (maar al heel lang in Nederland wonende) kunstenaar Laurence Aëgerter bezat de KB tot voor kort zeven werken.

Aëgerter [spreek uit: Aa-Ee-Zjèr-Tèr] kwam vorige week langs om er zeven andere aan toe te voegen.

Een van die werken heeft een heel Nederlands onderwerp: de Bijlmerramp. 



Laurence Aëgerter, 10 Days / 22 Months (2010)
De (verkorte) titel ervan is: 10 Days | 22 Months. Het boek is gedrukt op krantenpapier, op het formaat van een krant uit die tijd. De oplage is miniem: acht exemplaren.

Op het kartonnen omslag staat een langere titel: The first ten days after the plane crash in Amsterdam Bijlmer. 2 months since my cousin Sébastien died in a car accident. Het boek werd gemaakt in 2010 en bevat alleen losse bladen.

Wat we in het eerste deel zien is een datum uit de krant, de grootste foto van de voorpagina én de grootste kop op die pagina. De rest is weggelaten.

Kop, foto en data zijn precies daar geplaatst waar ze ook in de oorspronkelijke krant stonden. Zo volgen tien pagina's en al bladerend zien we de ramp van de voorpagina verdwijnen, het nieuws verdrongen door andere evenementen. Vervagend tot herinnering tussen andere herinneringen.



Laurence Aëgerter, 10 Days / 22 Months (2010)
Het tweede deel is persoonlijker. Een neef van Laurence, Sébastien, kwam om bij een auto-ongeluk. De laatste foto waarop zij beiden stonden, met zijn tweelingbroer, fotografeerde ze maand na maand. Ze legde de foto op een stoel en fotografeerde die met zitting en al. Die foto werd een maand later op de stoel gelegd en gefotografeerd. Het resultaat daarvan een maand later en zo voorts, totdat de oorspronkelijke foto helemaal was opgegaan in het patroon van de bekleding van de stoel.



Laurence Aëgerter, 10 Days / 22 Months (2010)
Zo werd het drama in de buitenwereld parallel geplaatst aan die in de intieme sfeer. De gelijkmatige verdwijning in beide gevallen staat voor verwerking, vergetelheid, en het tegendeel daarvan: het doorleven in de herinnering, het nooit overgaan.

woensdag 28 maart 2018

198. Watermerk en schaduwen

Al een tijdje wilde ik voor de Collectie Koopman een werk van de Franse kunstenares Beatrice Coron aanschaffen. Vandaag kocht ik een boekje waaraan zij heeft meegewerkt.

Helen Hiebert, Beatrice Coron, Interluceo (2015)
Het werd me getoond door papiermaakster en boekkunstenares Helen Hiebert die in Colorado een papier-atelier heeft. Het werk heet Interluceo en is gemaakt in 2015.

Hiebert maakte de watermerken in het papier en Coron knipte met de hand de illustraties die bij de geometrische figuren horen.

Helen Hiebert, Beatrice Coron, Interluceo (2015)
De knipsels, waarin figuren en cijfers verborgen zijn, laten bij het bladeren een schaduw vallen op het papier eronder, terwijl in het papier al watermerken zijn aangebracht die het plaatselijk transparant maken. Een mooi spel met indirecte illustraties.


Helen Hiebert, Beatrice Coron, Interluceo (2015) [foto 3 en 4: Helen Hiebert]

donderdag 15 maart 2018

197. Wie ben ik?

In de vorige blog vroeg ik me af wie HB is - naar aanleiding van een monogram op het omslag van een boekje. Deze keer is de vraag: wie ben ik?

Dat komt door een foto die geplaatst is op de gedichtenwebsite gedichten.nl. Daar staat een wat eigenaardige samenraapsel van gegevens en uitspraken over mijzelf, met vier gedichten (zonder toestemming natuurlijk, maar dat kan me niet schelen) én met een foto van iemand met een flinke haardos. 



Die foto is van Paul van Capelleveen, duidelijk, maar ik ben het niet. Al sinds ik in Den Haag woon - al heel lang - wordt ik af en toe aangesproken over eigenschappen die ik niet heb, maar een naamgenoot van mij wel: lidmaatschap van een vereniging, als zanger verbonden zijn aan een koor, beleidsmedewerker bij een ministerie...

Er loopt dus, niet ver van mijn werkplek in de KB, een naamgenoot rond, die ik nooit heb ontmoet maar nu is kennelijk het moment aangebroken dat wij, of we dat nu willen of niet, op internet gemorpht worden.

Wat zal hij hier gaan schrijven?